ROGER M.J. DE NEEF (Wemmel, bij Brussel, 1941) is ondanks zijn leeftijd een jong dichter. Hoewel hij bijna 40 jaar geleden zijn eerste verzen publiceerde, lijkt deze bloemlezing uit een tiental dichtbundels een debut. Uit het vroegere werk werd een strenge selectie gemaakt en vele gedichten zijn grondig herschreven.
Een aantal niet eerder in de bundel opgenomen teksten geeft nog meer waarde aan de de anthologie.
Het accent valt vooral op de poëzie na het midden van de jaren tachtig, toen de Neef voor 'De vertelkunst van de bloemen' de driejaarlijkse Staatsprijs voor Poëzie kreeg. De lezer kan uitstekend zijn ontwikkeling volen van een hermetisch dichter die naar een maximale communicatie streeft. Hij krijgt ook zicht op de Neefs speciale plaats in de Nederlandse poëzie door de ruime keuze uit jazzgedichten en uit het werk dat door plastische kunsten geïnspireerd werd.
Roger M.J. de Neef ziet zichzelf als de dichter van de verwondering en de diepste herkenning. Zijn gedichten zijn geëvolueerd van de sacrale formulering naar de, alledaagse zegging, van de absolute ernst naar de lichte zelfspot en relativerende ironie. Maar hij blijkt evenzeer een maker van liefdesverzen.
Een van de mooiste korte liefdesgedichten uit onze literatuur is van zijn hand.

 

overpoezie

Poezie beoogt geen verklaring maar is verwondering voor het mysterie. Is deel van de „open religie“ zoals R.M. Rilke het bedoelde, vrij van etiketten, voorschriften, dogma's en van iedere vorm van openbaring.
Ik noem het dat ogenblikelijke gevoel van „samenheid“, respect, verantwoordelijkheid en verwisselbaarheid. Want Poëzie is samenhang, is dichtheid, is overleving. Zij schuwt iedere vorm van hierarchie, evalueert niets of niemand. Maakt geen onderscheid tussen dier, mens en ding; zij is aandacht, „totale aanwezigheid."

ROGER M.J. DE NEEF

Ik/Min jou/Is niets    
     
     
 

  site by Ramdesign ©